Menu

De relatie heer-boer.

Er komt een inkomenscrisis bij de heren, waardoor abdijen en heren failliet gaan. Deze crisis ontstaat
doordat kleinere heerlijkheden opgenomen worden in een land, maar ook doordat de
ontginningsmogelijkheden ten einde zijn en door zowel de concurrentie tussen de heren onderling en
tussen de heren en de nieuw opgekomen burgerij. De reacties hierop zijn de opslorping van de banale
rechten door de staat: er ontstaat een soort feodalisme d’état. De grondheren zorgen dan weer voor een
versterking door het vervangen van de vaste cijns door een tijdpacht. In Engeland leidt dit tot de
enclosure movement, in Oost-Europa zal men opteren voor de 2e feodaliteit, met een versterking van de
seigneurie fonciere. De oorzaken hiervan zijn een ernstig arbeiderstekort, en hun status als de
graanschuur van Europa, door de commercialisering van de rogge-export. De heersende groepen hebben
geen onderlinge concurrentie en er is geen centraal gezag aanwezig. Dit zal leiden tot verval na de
dalende productiviteit van de boeren. In Zuid-Europa doet men dan weer aan helftwinning of mezzadria.
Dit houdt in dat de boeren de helft van de opbrengst van het gepachte land moeten afstaan aan de
pachtheer.

Lees meer...

De relatie heer-boer.

Het tweeledig domein takelt af doordat karweien afgekocht worden, en steeds meer vervangen zijn door
belastingen. Er worden cijnzen ingesteld: vaste belastingen op grond, vererfbaar en onveranderlijk. Dit
zorgt voor een waardevermindering, de ‘falling rate of feudal levy’. Men krijgt immers een lagere
lastendruk op de langere termijn door de devaluatie van de geldwaarde door de prijzenstijgingen en de
geleidelijke meeropbrengst door de landbouwrevoluties, die niet afgeroomd worden door de heren,
hoewel er natuurlijk van meegeprofiteerd wordt op de reserve. Dit zal ook zorgen voor de versnippering
van de grond, ten gevolge van de evolutie naar kleinere bedrijfgrootte.
Toch komen er ook nieuwe banale rechten, die meestal slaan op onroerende goederen, bij vererving
bijvoorbeeld. Soms worden er ook hoofdelijke belastingen ingevoerd (de zogenaamde tallia).
Door het uiteenvallen van het centraal gezag, komt er een veelheid aan lokale potentaten, heerlijkheden
genoemd, die verenigd zijn onder de machtigste heren in vorstendommen. Deze bouwen vaak feodale
mottes als machtsuiting, en verwoesten die van ondergeschikte heren.
Ook de kerkelijke heren streven naar uitbreiding, waardoor oorlog een essentieel onderdeel wordt van
de maatschappij. Dit wordt zoveel mogelijk in de hand gehouden door tornooien als uiting van geweld,
en door de vazaliteit, waarbij de onderlinge relaties voor controle zorgen. De centralisering van de
vorstendommen gebeurt wel nog steeds manu militari

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen