Menu

Ancien Régime en Franse Revolutie (Tocqueville)

=> dit is geen breuk, maar een versnelling & verdieping van bestaande evolutie. Vorm van Feedback.

Circulaire causaliteit: een verschijnsel B wordt veroorzaakt door A, maar heeft tegelijkertijd A als gevolg, zodat een soort van wederzijdse productie ontstaat, die versterkend werkt.

vb: FR & Ancien Régime: centralisatie staatsmacht => Franse Revoluti => nog meer centralisatie

Lees meer...

Algemeen beginselen van wetenschappelijke oordeelsvorming

Algemeen beginselen van wetenschappelijke oordeelsvorming

=> Logische breuk tussen voorwetenschappelijke en wetenschappelijke oordeelsvorming (slaat op individuen als op hist. Ontwikkeling sociologie)

  • Voorwetenschappelijk: verschil tussen ideeën die we ons vormen in dagelijkse leven en de sociologie
  • Wetenschappelijk: de evolutie proberen te beschrijven van voorwetensch. Maatschappijtheorieën naar de sociologische wetenschap.


1) Verschil tussen oordelen in’t dagelijkse leven en sociologische uitspraken Iedereen is op zekere hoogte socioloog: iedereen maakt interpretaties, verklaringen… van de sociale werkelijkheid. Nodig om sociaal te functioneren. verschil sociaal handelen en sociologie? voorwetensch. Interpretatiekaders verschillen van de sociologische in die zin dat de laatste op een systematiseerde & controleerbare wijze zijn ideeën & verwachtingen construeert en confronteert met empirische waarnemingen. geen totale breuk: wetenschappelijke theorievorming start vaak uit sociale constructies die we in het dagelijkse leven produceren.

2) Historische genese: verwetenschappelijking is niet voor alle sociale groepen verwetenschappelijking is niet algemeen omdat vele groepen nauwelijks of niet beïnvloed worden door deze tendens (soms anti-wetensch. Ideologie). Proces ook niet onontkoombaar, door de terugvallen doorheen de geschiedenis naar groepen die wetenschappelijke ethos hoog in vaandel dragen. men streeft een voortdurende , gestandaardiseerde en systematische confrontatie na, tussen de sociale werkelijkheid en ideeën/theorieën over de sociale werkelijkheid.

=> Sociologisch-wetenschappelijke oordeelsvorming => er een cyclus bestaat van systematische theorievorming en expliciete empirische toetsing.

3 noodzakelijke voorwaarden => wetenschappelijke oordeelsvorming

1) Object van analyse en beschrijving: enkel bespreken wat confronteerbaar is in de werkelijkheid. (empirie – theorie confrontatie)

vb: wat denken mensen van God => bespreekbaar

Wat is God? Wat is schoonheid => niet bespreekbaar

2) Opbouw van wetenschappelijke uitspraken: verwerping van het idee moet mogelijk zijn.

=> Toetsingsdrempel: toetsing van de stelling

3) Principe van permanente interne kritiek: combinatie van voorwaarden 1&2. Wederzijdse en interne kritieken moeten mogelijk zijn op de stellingen.

Lees meer...

Sociologie is een product van sociologen in de samenleving

Wie de samenleving wil bestuderen kijkt op zekere hoogte ook naar zichzelf, want je maakt steeds deel uit van de samenleving.

-> - Bestaande cultuur, tijdsgeest heeft veel invloed op hoe problemen bestudeerbaar zijn.

- macht in de sociale betekenis is een belangrijke factor achter wat sociologie doet, ziet…

-> Wetenschap wordt steeds beïnvloed door waarden van de cultuur, machthebbers, die al dan niet zelf wetenschapsbeoefenaars zijn.

1. Positivistische ideologie: de manier waarop wetenschappers zich graag presenteren aan de buitenwereld (schijnoplossing). -> enkel geïnteresseerd in de waarheid en in feiten

=> onmogelijke positie: wetenschap vertrekt met selectie van relevantie precieze relevantie impliceert waardeoordeel

=> positivisme: probeert te ontkennen wat niet ontkend kan worden

2. Waardevrijheid: onderscheid maken

a) waardebetrokkenheid moet beperkt blijven tot 3 dimensies die aan dergelijk onderzoek voorafgaan.

b) principe van vrijheid van waardeoordelen erkent de onvermijdelijke invloed van waardeoordelen op de afbakening van een wetenschappelijke probleemkeuze, op het gekozen perspectief & op doelstellingen van het onderzoek => het eigenlijke onderzoek MOET vrij zijn van waardeoordelen !! (empirisch <-> eigen implicaties)

3. Reflexieve sociologie: elke vorm van wetenschappelijke activiteit heeft een relatie met de

belangen van diegenen die de wetenschap beoefenen.

-> nooit volledige objectieve waarnemingen.

-> onderzoek moet samengaan met een analyse van je eigen relatie met onderzoeksobject

Lees meer...

Sociologie is de wetenschap van het sociale

Iedereen is amateur-socioloog: iedereen heeft kennis over het sociale, wat ons in staat stelt om te functioneren in onze omgeving.

Sociologie: wetenschap van het samenleven en samenleving

- idee dat individuen handelen met anderen; rekening houden met anderen

- bestaan van het fenomeen boven anderen: de samenleving, sociale groepen, sociale structuur.

-> Gedrag: ruimste wat mensen doen

-> Handelen (doen met intentie)

-> Sociaal handelen (zinvol op anderen)

Sociaal handelen = een deel van handelen, dat op zijn beurt onderdeel is van het geheel van menselijk gedrag.

4 grondcategorieën:

1. Affectief handelen: bepaald door gevoelsmatige ingesteldheid & affecten van de actor

-> Emoties (woede, vriendelijkheid, droevig…)

-> geen bewust patroon van rationeel gedrag

2. doelrationeel handelen: gericht om iets te bereiken, verwachtingen uitwerken

-> bidden tot god voor goede examens (middel= gebed)

3. waarderationeel handelen: -> doelrationeel; veroorzaakt door geloof in de waarde van
een bepaald gedrag, succes is niet nodig.

-> getuigen van jahova die hun geloof verspreiden.

4. traditioneel handelen: niet-rationeel proces; ingewortelde gewoonten

-> 3x aan de klink voelen voordat je vertrekt; steeds teruggaan om zeker te zijn of je het
licht niet hebt laten branden.

=> 2 dingen hieruit leren: - onderscheid dagelijks taalgebruik & sociaalwetenschappelijke taal rekening houden met verschillen in rationaliteit

Sociale groeperingen:

  1. groepering = verzameling mensen die op 1/andere manier te onderscheiden zijn van de andere mensen
  2. groep = kleine sociale eenheid waarvan de leden regelmatig, intensief & veelvuldig interageren met elkaar.
  3. collectiviteit: grote groepering, samenhorigheid op basis van gemeenschappelijke waarden,… -> Supporters Kim Clijsters
  4. Groep: kleine sociale groep (wij-gevoel) met redelijk wat interactie met elkaar -> gezin, familie, vriendenkring
  5. Sociale categorie:groepering die in principe enkel bestaat in de activiteiten van wetenschappers, politiekers… -> beursstudenten
  6. Netwerk: groepering waar leden interageren, maar niet noodzakelijk dezelfde waarden nastreven. -> mensen die je geregeld tegenkomt.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen