Menu

Pareto optimum

In het Pareto optimum bestaat er geen ideale situatie. Het is de sociale situatie waarin er geen andere situatie bestaat waarin 1/meer personen beter af zouden zijn zonder de andere te doen verliezen.

Lees meer...

Rationele actoren

Actoren streven naar een maximale efficiëntie in hun handelen/trachten tegen zo weinig mogelijk kosten, zoveel mogelijk nut te maximeren.

Een individu is rationeel als de voorkeursordening VOLLEDIG en TRANSITIEF is, ook

REFLEXIVITEIT en CONTINUITEIT wordt geëist.

=> indien voldaan aan 4 voorwaarden, dan kan men een nutsfunctie opstellen.

Lees meer...

Methodologische individualisme

= theorieën die van het handelen de elementaire eenheid maken, die er m.a.w. van uitgaan dat het sociale in laatste instantie een product is van het individueel handelen.

Coleman stelt dat het object van de sociologie het systeem is, maar dat de verklaring gebeurt a.d.h.v. strategische en intentioneel handelende individuen.

2 belangrijke elementen

1. Sociaal handelen: Weber veronderstelt subjectieve zingeving, intentionaliteit; dit sociaal handelen van individuen vindt plaats binnen samenleving, cultuur…

Elster spreekt dan over Filters: de uitgangspositie = verzameling van alle mogelijke handelingen.

1e filter: reeks beperkingen -> opportuniteitsset

2e filter: leidt tot de concrete handelingen via rationele keuze (of sociale normen) door het elkaar ontmoeten van mogelijkheden & wensen.

2. Het Multi-levelprobleem of de verhouding tussen micro & macro. (zie gedachte Coleman)

Lees meer...

Granovetter en aanzet tot de new economic sociology

Granovetter schetste een probleem dat volgens hem zowel economie als sociologie al te vaak treffen: “onrealistische assumpties over individuele actoren”.

Uitgangspunt: gedrag en instellingen worden beïnvloed door sociale relaties. Het is onmogelijk handelen waar te nemen zonder sociale relaties, tenzij dan in een gedachteexperiment.

-> sociale wetensch. Gaan vaak uit van fictieve niet-sociale situatie.

-> niet realistisch

Andere zijde van continuüm: Polanyi: het idee van “inbedding”. Het moderniseringsproces bestaat er uit dat inbedding van de economie verdwijnt in andere sferen van de samenleving; modernisering is als een proces van differentiatie.

-> Granovetter verwerpt deze theorie, maar verzet zich ook tegen de idee dat individuele actoren handelen als ze nauwelijks beïnvloed worden door de sociale relaties waarin ze handelen.

Granovetter rekent af met…

1) socialisatie: sociale leerproces waardoor individuen het wereldbeeld, de definities van de werkelijkheid, normen en waarden van hun omgeving overnemen en verwerken. Nochtans is het duidelijk dat individuen vaak, zelfs systematisch, strategieën ontwikkelen om verplichtingen te vermijden die hen nochtans opgelegd werden door de socialisatie.

vb.: uitvluchten zoeken om niet mee te moeten naar een feestje. overgesocialiseerde benadering: geïnternaliseerde cultuur bepaalt alles.

2) atomisering: d.w.z. Deze principiële keuze van agenten voor het eigen belang en voor een niet-coöperatieve strategie om dit belang te dienen, was immers in staat marktverstorende fenomenen, zoals prijsafspraken, gilden en kartels te voorkomen. ondergesocialiseerd mensbeeld: egoïstische rationaliteit, ‘computer’ Sociologisch probleem: socialisatie zonder ontwijkgedrag is onrealistisch mensbeeld

-> hoe is het mogelijk dat rationele actoren elkaar niet voortdurend bedriegen??

1) NIE van Williamson(econ.): instellingen creëren steeds regelingen die de ‘kostprijs’ van bedrog verhogen. er wordt dus ook geen echt vertrouwen gemaakt in de economie.

vb.: gevolg van bedrog in economie: ontslag, boetes, verlies kredietwaardigheid, celstraf, …

2) overgesocialiseerde tegenhanger van Arrow (socio.): hij gaat ervan uit dat er in de samenleving op een minimaal niveau een soort van veralgemeende moraliteit bestaat, een consensus om zich binnen bepaalde lijnen te gedragen.

-> Kritiek Granovetter: een economische agent zal gemakkelijk vertrouwen op mensen die ment kent, waarvan men uit de 1e hand weet dat ze geen misbruik maken van dit vertrouwen. Dit ‘weten’ is niets meer dan aantal ervaringen uit verleden. -> vertrouwen kan door netwerken heen gaan.

vb.: Ik heb een goede verver gehad, een vriendin vertrouwt hierop en laat deze verver ook bij haar thuis laten komen.

Opgepast: blind vertrouwen kan leiden tot fraude, misbruik.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen