Menu

Sofian Bouazzaoui

Sofian Bouazzaoui

Korte termijn geheugen en het werkgeheugen

Braddeley beweerde in 1986 dat we niet een beperkte hoeveelheid items in het korte termijn geheugen kunnen bewaren, maar dat we maar zoveel informatie kunnen bewaren als we in een vaste tijd kunnen repeteren. Voor het verbale gedeelte noemde hij dat de ‘articultary loop’. Dus de ‘memory span’ hangt af van hoe snel we informatie kunnen repeteren. In fig. 6.4 is dit ook te zien: Hoe sneller je iets leest hoe minder tijd dit kost. Hoe minder tijd dit kost

hoe dichter je bij het eerste onthouden item bent en hoe makkelijk het weer is om deze op te kunnen roepen.

Buiten het systeem voor het repeteren van verbale informatie (‘articultary loop’) is er ook een systeem voor het repeteren van visuele informatie: de ‘visual sketchpad’. Deze slaaf systemen worden gecontroleerd door de ‘central executive’. Deze ‘central executive’ kan informatie in de slaaf systemen doen, maar ook ophalen uit de slaaf systemen. Verder heeft het de mogelijkheid informatie te vertalen van een naar het andere slaaf systeem.

Lees meer...

Korte terijm geheugen

In 1960 werd de short-term memory theorie geïntroduceerd, welke het volgende in hield:

informatie waar je aandacht op gericht is wordt opgeslagen in een tijdelijke korte termijn geheugen, waar de informatie moest worden herhaald eer het naar het relatief permanente lange termijn geheugen kon gaan. Het korte termijn geheugen had een beperkte capaciteit welke memory span werd genoemd (ongeveer 7-8 items groot).

Anderson zij over de theorie dat het korte termijn geheugen relatief onbetrouwbaar is; het repeteren van materiaal zorgt niet telkens voor dat het naar het lange termijn geheugen toe gaat, maar dat het uit het korte termijn geheugen wordt verwijderd. Er passen immers maar een bepaald hoeveelheid gegevens in het korte termijn geheugen.

De theorie genaamd ‘depth of processing’ hielp de korte termijn geheugen theorie om zeep, omdat deze ervan uit ging dat herhaling van materiaal alleen bijdraagt aan beter geheugen als het werd herhaald op een diepe en zinnige manier. Passief repeteren heeft dus geen zin.

Lees meer...

Het menselijk geheugen

Ebbinghaus voerde in 1885 een experiment uit over hoeveel mensen zich nog konden herinneren na het leren van zinloze lettergrepen. Uit het diagram op blz. 171 blijkt: hoe langer de interval is tussen de stimuli en het oproepen hiervan, hoe slechter dit gaat, maar het daalt minder snel naarmate de tijd vordert (asymptoot). Na 24 uur wist Ebbinghaus nog 33,8 procent van het geleerde materiaal te herinneren. Door dit materiaal nogmaals over te leren

bereikte hij een winst van 64,1 procent ten opzichte van het originele materiaal. Toen cognitieve psychologie gescheiden werd in 1960 van het Behaviorisme ontstond er een grote impuls op het gebied van het menselijk geheugen. Dit had 2 redenen: veel vragen waren er over het geheugen van mensen aangezien de Behavioristen zich alleen op dieren richtten & aan de hand van het onderzoek naar het menselijk geheugen konden meer vragen op ander gebied worden beantwoord.

Lees meer...

Categorieën in de hersenactiviteit

Dit stukje gaat erover dat tekort aan kennis over verschillende categorieën gevolgen zijn van schades aan verschillende gebieden in je hersenen, bijvoorbeeld mensen met een beschadiging aan hun temporal lobe hebben een tekort aan kennis over biologische categorieën, zoals dieren, fruit en groenten, ze kunnen dus bijvoorbeeld geen eend herkennen, maar ze kunnen slechts zeggen dat het een dier was, meer niet.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen