Menu

Coöperatie, competitie en conflicten. Reageren op verschillen.

Social dilemma

Kies je voor jezelf of voor de groep. De volgende dilemma's geven dit probleem weer

  • Prisoners dilemma; Wie bekend?? Ben jij degene die je vriend verlinkt en daardoor straf krijgt en jij niet. Vertrouw je die ander wel? Misschien verlinkt ie jou en bij jij degene die alleen straf krijgt. Of allebei en krijgen jullie allebei straf... Reciprocal strategie tit-for-tat;
  • Recourse dilemma
  • commons.take some dilemma; Je pakt zoveel mogelijk van een beperkt hoeveelheid.
  • public goods dillemma's Mensen geven aan een gemeenschappelijk doel. Hoeveel geef je?

Solving social dilemma's

Tabel 8.4. pag. 297

  • Conflict spirals; conflicten kunnen door heel veel factoren ontstaan. Een belangrijk aspect van een conflict is dat het zichzelf kan voeden. Reactie op een heftigere reactie op een nog heftigere reactie etc.
  • Threat capacity; balance of terror iedereen heeft evenveel gewicht. Jij doet de ander niks omdat die jou iets kan doen. Wanneer we de kans hebben om een ander in de weg te zitten en deze niks terug kan doen is deze balans weg en ontstaat er een threat.
  • perceptie van anderen
  • mirror images; groepen zien in vijanden wat vijanden in hun zien.
  • de-humnisatie; negatieve beeleden kunnen leiden tot de-humanisatie een lack of human qualities.

Reducing conflict

- Grit;

- Onderhandelen

- Vinden van overeenkomsten

Lees meer...

interacties met anderen

Collctives zijn minimaal sociaal.

Redenen om bij een groep te gaan;

- kans op overleven vergroten

- bescherming

- meer gevoel van een eigen en sociale identiteit

- Een groot deel van zelfwaardering komt door de groeperingen waar we bij 'horen'

Ontwikkeling binnen groepen

1) Forming; Orienteren in een groep.

2) Storming; Leden proberen de groep te beïnvloeden zodat het het beste aan hen behoefte voldoet. (vijandigheid en conflicten kunnen ontstaan)

3) Norming; Overdenken de conflicten en krijgen een gevoel van gezondverstand (doel en nut). (ontwikkelen normen en rollen binnen de groep)

4) Performing; Oefenen eigen taken uit en proberen de groep performance te vergroten. (ze operen volgens de rollen die er zijn en proberen op deze manier hun taken te vervullen)

5)Adjourning; Nemen afstand van de groep (Dit gebeurt als de baten niet meer opwegen tegen de kosten)

Drie essentiele componenten van een groep;

- Rollen; Hoe beter de rol past bij de persoon hoe beter een groep presteerd.

 instrumentale rol; helpt de groep bij het bereiken van de doelen

 expressieve role; emotionele support en het moraal handhaven

- Normen; regels voor leden, hebben invloed op de cohesie

- Cohesie (dichtheid); Krachten die de groep dichter bij elkaar brengen

 Kleine groepen hebben een grotere cohesie

 Opdrachten waarbij men moet samenwerken zorgt ook voor grotere cohesie

 Normen die in lijn liggen met de doelen van de organisatie zorgen voor groter cohesie.

Hoe beinvloeden groepen meningen van individuen;

- Risky shift; groepen nemen riskantere beslissingen dan individuen

 Group polarization; Het overdrijven door groep discussies en oorspronkelijke intenties door het overschatten van het gedachtegoed van leden

■ persuasive arguments theory; Hoe meer argumenten hoe groter en extremer de attitudes worden.

■ social comparison; Hoe meer mensen het met elkaar eens zijn hoe meer deze geachten worden gestimuleerd, waardoor beslissingen extremer worden.

■ social catogorisatie; Mensen willen zich afscheiden van andere groepen waardoor hun eigen ideeën extremer worden.

Groupthink;

Een excessieve neiging om concurrentie binnen de groep te zoeken.

Wat gebeurd er bij groepsdenken;

- Overschatten van de groep

- Closed-minded

- Vergroot de druk om gelijk te zijn/denken

Karakteristieken die een bijdrage leveren aan het groepsdenken;

- Hoge cohesie

- Groepsstructuur, sterke/duidelijke leider

- Stress volle situatie

Gevolgen van groepsdenken

- Verkeerde manier van beslissingen nemen

- Grote kans op het nemen van een verkeerde beslissing

Vermijden van groepsdenken;

- vermijden van isolatie

- Het promoten van het geven van kritiek

- sterke norm om kritisch naar dingen te kijken

Group support systems;

Computer systemen die groepsdenken tegen gaan.

Zijn meer hoofden beter dan 1?

Ligt aan de taak;

- Additieve taak; De prestaties zijn de som van de mensen

- cojuntieve taak; Prestatie hangt af van de slechtste prestaties. (berg beklimmen)

- disjunctieve taak; Prestatie hangt af van de beste prestatie. (oplossen som)

Process loss;

Het verlies van performance door obstakels gecreëerd door het groepsproces. Kan liggen aan motivatie, social loafing, geen goede coordinatie. Tegenovergestelde is proces gain.

Goals gemaakt door groepen zijn vaak minder ambitieus dan van individuen.

Brainstorming;

- factoren die proces benadelen

 Proction blocking; wachten tot ze mogen praten en daardoor dingen vergeten

 Free riding; Als andere ideeën aandragen worden anderen minder gemotiveerd.

 Evaluation apprehension; mensen kunnen zich tegen gehouden voelen in het neerleggen van extreme ideeen.

 Performance matching; mensen werken alleen hard als ze anderen dat ook zien doen. Dit kan alleen gebeuren als de andere 3 zijn gereduceerd.

- Electronisch brainstormen kan een oplossing voor bovenstaande problemen zijn.

Biased sampling;

Informatie die logisch lijkt wordt niet gedeeld waardoor een verkeerd beeld ontstaat. Challenger niet alle informatie doorgegeven waardoor een verkeerde beslissing is gemaakt)

Escalation effect/trapment;

Doordat in een verkeerde beslissing veel tijd en moeite is gestopt wijkt men er niet van af. Groepen doen dit meer dan individuen.

Transselected memmory;

groepen onthouden meer informatie dan individuen

Bij groepen is de kans op miscommunicatie groter.

Lees meer...

De aanwezigheid van anderen. (collectieve processen)

Collective;

Personen met gemeenschappelijke activiteiten maar met minimale directe interactie.

collectieve processen;

wat beinvloed personen wanneer zij in de aanwezigheid zijn van anderen.

Onderzoeken die de invloeden van aanwezigheid van anderen aantonen;

Eerste onderzoeks artikel: Norman Triplett (1897-1898)

prestaties wielrenners in groepen.

(social facilitation)

Gemaakt 1880 gepubliceerd 1913 Max Ringelmann

artikel over hoe mensen presteren in een groep bij simpele taken.zoals touwtrekken.

social loafing effect)

De Zajonc solution;

De aanwezigheid van anderen veroorzaakt 'opwinding' die op verschillende manieren effect kan hebben op prestaties, afhankelijk van de taak.

1) opwinding veroorzaakt door conspecifics (leden van de eigen 'soort')

2) De opwinding veroorzaakt dominant respons

3) type taak; makkelijke taak dominant respons is correct, moeilijke taak dominant respons is incorrect.

Social facilitation;

Een proces waarbij de aanwezigheid van anderen de prestaties van makkelijk taak verbetert en een moeilijke taak vermindert.

1. Goed beheerste taken gaan beter; mere presence >> verhoging arousal door aanwezigheid anderen.

2. Slecht beheerste taken gaan slechter (interference); evaluation apprehension >> mensen zijn bang voor

2 grote variriaties op Zajoncs Social facilitation theorie;

l Evaluation Apprehension Theory; Gaat er vanuit dat social facilitation alleen voorkomt wanneer het om mensen gaat die hen kunnen evalueren.

l Distraction-conflict theory; Personen worden gestimuleerd door anderen om te focussen op te taak. 'tunnel vision'. Het verschil met social facilitation is dat deze theorie niet gebaseerd is op het sociale, maar het kan ook veroorzaakt worden door objecten.

Social loafing;

De inzet van mensen wordt minder wanneer deze gestimuleerd wanneer zij in grote groepen zijn 'opgenomen'. (Onderzoek inzet bij touwtrekken) Dit kan worden tegengegaan door:

l evaluatie eigen performance

l heeft betekenis voor de persoon in kwestie

l geloof dat eigen inzet nodig is

l groep wordt gestraft voor slechte prestaties

l de groep is klein

l de groep is close (cohesive)

Collective effort model (Kurau, Williams 2001);

De theorie dat mensen meer hun best gaan doen als het belangrijk is, relevant en betekenis heeft.

Sucker effect;

Niemand wil de 'loser' zijn die al het werk doet terwijl de rest het laat afweten.

Overeenkomst social facilitation en loafing ze reageren beide op de aanwezigheid van mensen. Het verschil zit in de individu die in de spotlight staat en het groepsproduct.

De-individuatie;

Het verlies van het gevoel een individu te zijn en het aannemen van andere gedachten en gedrag. Dit wordt beïnvloed door;

1) Omgevingsfactoren; verantwoordelijkheid Hoe groter de kans is dat je geen verantwoording hoeft af te leggen hoe groter de kans op de-individuatie.

2) Intensiviteit; Een intensieve stimulatie vanuit de omgeving kan er toe leiden dat minder gevoelig voor de gevolgen wordt en dus eerder geneigd ben afwijkend gedrag te vertonen.

SIDE (Social, Identity model of Deindividuation Effects)

Door wat minder zelfbewust te worden maakt het mogelijk om meer te kijken naar wat anderen nodig hebben. Deindividuation is dus niet perse slecht.

Lees meer...

Social impact theory

deze theorie stelt dat de mate van sociale beïnvloeding afhangt van de sterkte, de urgentie, en het aantal bronnen dat druk uitoefent op personen die die druk absorberen.

Er is echter geen eenduidig antwoord op de vraag of mensen conformisten of juist nonconformisten zijn. Er zijn ook duidelijke verschillen in sociale beïnvloeding tussen verschillende culturen, en waarden hieromtrent veranderen ook binnen een bepaalde cultuur met de tijd.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen