Menu

Hellenisme en Rome: stoïcijnen en neoplatonici

Deel dit artikel:

  • Griekse cultuur van de voorbije klassieke periodes: vrije stadstaten (polis) à ‘vrij’ staat voor hun autonomie en in steden zoals Athene staat het voor de democratie die door een kleine minderheid van de bevolking werd uitgeoefend à deze politieke situatie verandert door de veroveringen van Alexander de Grote die het Macedonische rijk over de hele wereld van de oudheid uitbreidt à had culturele gevolgen: de Griekse cultuur kwam in contact met de Babylonische wereld, met de Perzische leer van Zoroaster en zelfs met het boeddhisme in Indië
  • De Grieken konden deze barbaren (de niet grieks-sprekenden) niet langer als tegenstanders op het slagveld of als slaven beshouwen à ondanks hun gevoel van superioriteit konden ze niet beletten dat bepaalde ideeën, godsdiensten en stijlvormen binnendrong à resultaat: het Hellenisme = de verrijkte multiculturele Griekse beschaving in Europa, Azië en Afrika sedert Alexander de Grote à het Hellenisme gaat zelfs door na de verovering van Griekenland door de Romeinen à dus ongeveer 6-7 eeuwen in totaal
  • Het was ook de tijd dat het Christendom doorheen het Romeinse Rijk verspreid werd à na 313 werd het Christendom de officiële staatsgodsdienst (eerst aanvaard door slaven door ‘gelijkheid’ en ‘naastenliefde’)
  • Tijdens de hellenistische periode ontwikkelde zich 2 filosofische richtingen: het stoïcisme en het neoplatonisme

Het stoïcisme

  • Stoïcisme komt van ‘stoa poikilè’ = een zuilengang in Athene waar Zeno van Citium zijn studente verzamelde
  • Men ontdekt het stoïcisme voornamelijk via de geschriften van latere filosofen zoals Seneca uit Rome
  • Zeno van Citium (4e en 3e eeuw voor Christus) was vooral beïnvloed door Socrates en diens moedige houding tijdens zijn proces en terechtstelling à de waarheid en de deugd waren voor hem duidelijk belangrijker dan welstand, gezondheid of zelfs het leven
  • Zeno voelde zich ook verwant moet de cynici, een school van extreme Atheense denkers à cynici waren in feite helemaal niet cynisch in de moderne zin van het woord (spottend niet geloven in het goede) à ze zagen in dat de meeste mensen hypocrieten waren en eigenlijk aan hun profijt dachten, ze wilden bewijzen dat je ook zonder al die welstand en die kruiperij goed kon leven à ze leefden volgens hun beginselen: arm, eenvoudig, schaamteloos brutaal
  • Zeno en stoïcijnen gingen niet zover als de cynici maar hadden even weinig geduld met Plato’s ideeënleer of Aristoteles’ metafysica à je moet ook uitgaan van het gezonde verstand en op je ervaringen vertrouwen
  • Je moet ook aanvaarden dat alles een begin en een einde heeft à dit is geen reden tot pessimisme, wel tot een zekere bescheidenheid (want onze wereld is maar één uit een oneindige reeks van werelden die zullen volgen)
  • Stoïcijnen geven ook een centrale plaats aan de mens: alles bestaat voor de mens
  • God is een soort van welwillende wetgever die niet naast of boven de wereld staat, maar er een deel van is, iedere mens heeft een stuk van die goddelijkheid in zich (zoals in de visie van Socrates) à daarom is het leven goed als het in harmonie met die natuur kan leven 1 met de Godsomschrijving van Aristoteles
  • Al de rest (geld, bezittingen, status, gezondheid) is van minder belang en een deugdzame mens (iemand die in harmonie met de natuurwetten leeft), kan dus eigenlijk nooit in zijn echte waarde worden geraakt
  • Stoïcijnen beschouwen alle mensen als gelijken à het stoïcisme is dus de eerste radicaaldemocratische leer die ook door slaven kon worden aanvaard en beleefd
  • Volmaakte menselijke vrijheid bestaat erin zich niet door uiterlijkheden en bijkomstigheden te laten beïnvloeden (pijn, gevangenschap, folteringen, dood) à maar om deze deugd te bereiken moeten we uiteraard onze passies (hebzucht, afgunst, jaloersheid, vraatzucht,…) leren beheersen
  • Deze leer zal een grote invloed uitoefenen op de eerste christenen en zal opnieuw tot bloei komen in het humanisme van de 18e eeuw (ook vandaag voor menen die onafhankelijk en redelijk willen leven en zich niet door hun gevoelens willen laten meeslepen)

Het neoplatonisme

  • Het neoplatonisme van Plotinus (3e eeuw voor Christus) en zijn volgelingen
  • Plotinus was de laatste belangrijke filosoof in een periode waarin de Germaanse stammen (barbaren) al aan de veroveringen van het Romeinse Rijk begonnen waren à tijd van oorlog, wanorde, verwoestingen,… à daarom keerde Plotinus terug naar de schone en ideale wereld van Plato
  • Zoals de Christenen troost vonden in de voorstelling van de hemel, geloofde Plotinus in een opperste wezen à het Oergoede of het ‘Ene en het Al’ (dit Ene kan men met zijn verstand niet leren kennen maar door een vorm van uitstraling of uitvloeiing (emanatie) schept dit Ene de Wereldgeest, de wereld van ideeën, die de werkelijke wereld is)
  • De zintuiglijke wereld is , net als bij Plato, een bedrieglijke afschaduwing van deze ware ideeënwereld à uit die algemene of wereld-ziel ontstaan onze individuele zielen, die helaas met de materiële wereld van het lichaam verbonden zijn (we zitten via ons lichaam vast aan die materiële wereld van de stof en deze gevangenschap in de stof maakt het ons moeilijk om de waarheid en het goede te bereiken)
  • Laagste trap van emanatie is dan de zuivere stof, het Boze, de absolutie tegenstelling tot het Ene àmen moet dus opnieuw uit de zintuiglijke wereld opstijgen en het boze (de stof) zoveel mogelijk te beheersen à de ziel is in de stof gevallen en moet trachten er weer op uit te staan à dit gebeurt door de ‘extase’ (buiten-staan), die ons met het geestelijke in contact brengt
  • Verwantschap tussen dit neoplatonisme en het postevangelische christendom is opvallend: denk aan de prioriteit van de ziel over het lichaam, aan de praktijk van de versterving,…

Relevante artikels

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen