Menu

Sofian Bouazzaoui

Sofian Bouazzaoui

Een Griekse erfenis: het middeleeuwse wereld- en mensbeeld

De wortels van het middeleeuwse model voor het universum komen hoofdzakelijk uit Griekse hoek, nl. de leer van Aristoteles en Plato, beiden uit de vierde eeuw VC.

De belangrijkste aanvullingen op deze theorieën waren ook Grieks (Ptolemaios en Galenos, beiden uit de 2de E VC), dus we kunnen gerust stellen dat het middeleeuwse wereldbeeld een Grieks – pagane erfenis was en geen joods-christelijke.

Er waren natuurlijk wezenlijke verschillen, zo geloofden de Grieken in een eeuwige wereld opgebouwd rond polytheïstische opvattingen, terwijl de middeleeuwers de wereld eerder als eindig beschouwden, opgebouwd rond het geloof in 1 God. De middeleeuwse intellectuele elite was in een permanente dialoog met de antieken verwikkeld, en hield zo de Griekse erfenis in stand. Wanneer dit met buitengewone energie gebeurde, dan spreken we over een renaissance (nauw verbonden met humanisme). De drie belangrijkste renaissances zijn de Karolingische, die van de 12de E, en de Italiaanse.

  • Heelal, aarde, mens, geest

Grieks model van de kosmos

- aarde het onbeweeglijke middelpunt van het heelal

- eromheen bewogen zich concentrische transparante sferen.

- Buiten de sfeer van de verste planeet (Saturnus), begon die van de vaste sterren (stellatum)

- daarbuiten lagen de vagere kringen van ‘het kristallijn’, voorgesteld als een ijle watermassa die het hele firmament omsloot en die van primum mobile, de eerste sfeer die beweging vertoonde en die beweging doorgaf aan de lagere sferen.

- De sferen maakten dus de beweging en niet de sterren en planeten zelf. Buiten het primum mobile strekte zich het onbeweeglijke empyreum uit, voor de christenen de locatie van de hemel.

- Men zag de sferen, sterren en planeten als bolvormige objecten

- het idee van de platte aarde heeft nooit de overhand gehad bij de intellectuele kringen

- Men was ervan overtuigd dat de sterren en planeten ook invloed uitoefenden op het leven op aarde, de astrologie was dan ook heel populair.

Tussen de ondermaanse wereld en de wereld daarbuiten was een fundamenteel verschil : alleen de aarde was niet perfect, alles daarboven wel, omdat daar alleen het volmaakte ‘vijfde element’ voorkwam : de aether of quintessens. Het ondermaanse bestond slechts uit vier elementen, vuur, lucht, water en aarde, die ‘veroorzaakt’ werden door de vier primaire kwaliteiten, nl. koud, droog, warm en vochtig.

Beeld van aardse geografie: 2 voorstellingen

1) aarde bestond uit vijf ringvormige zones, waarvan er drie onbewoonbaar waren door extreme koude of hitte. Alleen de twee gematigde zones (1 in het noordelijk en 1 in het zuidelijk halfrond) waren bewoonbaar. De tegenvoeters of antipoden konden het noordelijk halfrond nooit bereiken vanwege de ondoordringbaarheid van de hete zone

2) verdeling vd noordelijke landmassa in 3 continenten, Europa, Afrika en Azie. Het middelpunt vd hele aarde was Jeruzalem.

→ Deze geografische voorstelling vormde de basis voor de O-T-kaarten

→ Er verscheen een veel nauwkeuriger kaartbeeld door het opduiken uit Constantinopel van de Geografike van Ptolomaios. Dit gebeurde in 1200, een latijnse vertaling verscheen pas in 1400.

→ Vanaf dan kende men het gebruik van breedte- en lengtegraden, en wist men hoe men de aarde in een platte voorstelling moest weergeven

Galenos

stelde dat de vier primaire kwaliteiten niet alleen de vier elementen der materie vormden, maar ook de zogenamde humores of lichaamssappen (gele gal, zwarte gal, slijm en bloed):

- Iedereen had een bepaald mengsel van deze sappen, dat zijn of haar complexio of temperament bepaalde

- Wanneer je mengsel uit evenwicht geraakte, werd je ziek

- artsen volgden dikwijls deze methode, door het nagaan van de verstorende factor van het mengsel.

Verschil dieren, planten en mensen

De middeleeuwer wist ook wel degelijk het wezenlijke onderscheid tussen dieren, planten en mensen. Alleen de laatsten hadden een anima rationalis (ziel die tot rede in staat is), dat alleen mogelijk was door interventie van de Heilige geest.

Engelbewaarders

De mens deelde het ondermaanse ook met engelachtige wezens, de ‘engelbewaarders’, een gegeven dat werd ontleend aan de Grieken, en nadien verchristelijkt

- meeste engelen, verbleven evenwel in het bovenmaanse

- beeld dat bestond van deze engelen komt vooral van een christelijke auteur uit de zesde eeuw, die vroeger gekend was onder de naam Dionysos de Aeropagiet, een bekeerling van Paulus. Dit blijkt nu niet correct te zijn, vandaar de benaming ‘pseudo-Dionysos’.

- Door zijn toedoen ontstond er in de middeleeuwen zoiets als engelenkunde en engelendevotie, waar tot op vandaag sporen van terug te vinden zijn (bv. cherubijntjes)

Lees meer...

Goederen en geld

  • Verre handel

- slechts klein deel van totale commerciële omzet

- MAAR: toch richtinggevend geweest

=> omdat het onmisbare schaarse goederen betrof; het grootste kapitaal vereiste en een strategische invloed kon uitoefenen op de hele economie

- Handel met het oosten

  • XII

Befaamde handel in de oosterse specerijen passeerde nog langs Alexandrië (Venetianen en Genuezen gevestigd)

→ alleen Italianen verdelers van mediterrane en oosterse producten in rest van Europa

→ Italiaanse handelaren probeerden hun afhankelijkheid van oosten te verminderen dr zelf producten te gaan vervaardigen die in Europa niet eerder bestonden:

- zijderups

- katoen en suikerriet

- papier

  • Italianen bieden?

Wat hebben Italianen in ruil te bieden voor hun handelpartners in het oosten?

→ eeuwenlang veel minder dan ze zelf kochten; dit leidde tot

- aanhoudende afvloeiing van edelmateriaal

- het verschil in de betalingsbalans moest bijgepast worden in liquide betaalmiddelen

  • Behoefte aan zilvergeld groeit

> toename van het handelsverkeer

- aanbod was echter kleiner; dus ging men op zoek naar naar zilverhoudende ertslagen (Bohomen, Saksen, Tirol); deze volstonden echter niet.

- op lange termijn ging men de zilverinhoud van munten verlagen = devaluatie. Met dezelfde hoeveelheid zilver bracht men dus meer geld in omloop.

- begin 13e eeuw de eerste westerse goudmunten sinds de 7e eeuw.

- Genua en Florence in 1252 over tot de uitgifte van munten in zuiver goud (drie munten werden voor eeuwen de standaardmunten van heel Europa)

=> de evolutie van de betaalmiddelen weerspiegelt de krachtige groei van het goederenverkeer en diensten, althans tot midden van de 14e eeuw.

  • Eindbeschouwingen
    • Europese markt was tijden de 14e en 15e eeuw al verregaand geïntegreerd en lieten de effecten van de commercialisering in de voorsprongsgebieden zich ook in de periferie zien.

  • maritieme handel zou pas in de 17e eeuw van de Middellandse Zee naar de Noordzee verschuiven, tot dan vervulde die een schakelfunctie tss noordelijke en zuidelijke economische systemen

  • Tijdens late ME nam handelsverkeer sterk toe; opmerkelijk aangezien na 1300 de Europese bevolking met 1/3 verminderde, maar ...

- door bevolkingsafname = levensstandaard overledenen neemt toe => meer luxe en buitenlandse producten veroorloven

- door commerciële expansie kwam dynamiek op gang die steeds nieuwe winstmogelijkheden verkende en zich dus aanpaste aan de vraag

Lees meer...

De commercialisering van het platteland

    • Voor 1066
      • meer dan 150 plaatsen waar regelmatig markten werden gehouden
      • penetratie van geld in de plattelandseconomie

    • XI – XII

eveneens ruime verspreiding van muntgeld onder gewone bevolking

    • Tussen 1180 en XII

commercialisering van de plattelandseconomie in stroomversnelling

      • vooral wanneer de graanprijzen stegen gaven veel grootgrondbezitters er de voorkeur aan om de réserves op hun domeinen commercieel te exploiteren m.b.v. ingehuurde landarbeid.
      • op het platteland groeide het aantal mensen dat niet meer in eigen voedselbehoefde kon voorzien. Rond 1300 reeds 45% van de plattelandsbevolking
      • Het aandeel van de stedelijke bevolking van Eng nam tussen het einde van de elfde en het begin van de veertiende eeuw toe (10 tot 20%).
      • Daardoor ontstonden concentraties van mensen (bvb London) die vroegen om een sterk gecommercialiseerde landbouw in een wijde omgeving. Verder vond een duidelijke versterking plaats van regionale specialisaties; deels als antwoord op een groeiende buitenlandse vraag naar grondstoffen zoals tin en wol.

    • Begin XIV

behoorlijk deel agrarische productie voor de markt bestemd.

Deze commercialisering van de landbouwproducten is hand in hand gegaan met

- verbreding van het aanbod van landbouwproducten

- uitbreiding en verfijning van handelsnetwerken met marktplaatsen als logische knooppunten. Vooral de zgn. intermediare markten waren van belang; die de schakels vormden ts agrarische producten en grotere regionale handelscentra (die op hun beurt aansluiting hadden op het interregionale en ook internationale handelsverkeer / vooral in de dichtstbevolkte streken van Europa interregionale graanhandel; vb. verscheping van tarweoverschotten in Artesië naar Vlaanderen en Brabant).

Lees meer...

Voortschrijdende organisatie

  • Kooplieden, gilden en hanzen

Zorgden voor bescherming handelaars en goederen:

      • rechtsbescherming (eigen rechtsspraak, leidde soms tot conflicten tussen Hanzen)
      • tolvrijstelling

  • Handelaarskolonies
      • Vreemde handelaars vestigden zich bij elkaar in gebouw, straat, wijk,... ter bescherming en controle lokale autoriteiten (bv Italianen in Islamitische havens vestigden zich in wijken die ‘funduq’ genoemd werden)
      • Duurzame relaties tussen inheemse en vreemdeling waren nodig om tot lonend handelsverkeer te komen

  • Jaarmarkten
      • Overheden steunden buitenlandse handelaars, vermits zij een +effect hadden op de economie
      • Om handelsbewegingen te bevorderen: Jaarmarkten. Kenmerkend waren oa de marktvrede, vrijgeleide van bezoekers, lage tol, rechtbanken die handelsconflicten ter plaatse oplosten

Locatie

bepaald door ligging bij stad, handelsroute of productiegebie

Data

volgden elkaar in jaarcyclus op, zodat kooplieden van de ene naar de andere konden doorreizen.

Belangrijkste

- Z-O Engeland (wol)

- Z-W Zweden (haring)

- Vlaanderen

- Champagne

- Neder – Rijngebied

Kredietoperaties

Systeem

Winst die (Italiaanse) handelaars maakten investeerden ze op jaarmarkten zelf door krediet te verlenen. Zo evolueerden ze naar echte geldhandelaars. Kredietoperaties werden schriftelijk vastgelegd in schuldbekentenissen. Betaling hoefde niet rechtstreeks a schuldeiser maar kon ook gebeuren via vennoten of zakenpartners op een jaarmarkt in een ander land.

Intresten

- 10 à 15 % voor korte risicoloze

- tot 43;3% voor risicovolle

- hogere rente=woeker ->zware kerkelijke straffen

Soorten jaarmarkten

Algemene

- bedienden zowel de verre handel als de regionale en lokale handel

- voor de regionale en lokale handel bestonden er op talloze plaatsenkleinere jaarmarkten.

Etappeplaats

Jaarmarkten die hun belang vooral ontleenden aan de ligging als ettappeplaats op en route verdwenen weer in de vergetelheid zodra macro-economische en politieke omstandigheden leidden tot verschuivingen.

Voorbeeld

Jaarmarkten, zoals bvb die van Champagne, verloor omstreeks 1300 hun rol als W-Europees ontmoetingscentrum; vooral als gevolg van de verdere groei van het handelsvolume.

Opvolgers

Er kwamen wel opvolgers, zoal bvb. de Frankfurter Messe die nog altijd bestaat. Toch is hun functie als centrale plaats voor alle producten en betalingen verdwenen; omdat de tijdelijke ontmoetingen niet meer voldeden; de behoefte aan permanente jaarmarkten werd groter.

  • Verdere stappen in de commercialisering van Italië

Algemene tendens

- arbeidsverdeling tss handelaar en vervoerder

- schaalvergroting van de handelsonderneming

- vorming van netwerken van permanente vertegenwoordigers

Complexe handelsrelaties efficiënt laten verlopen

1) verschriftelijking van de bedrijfvoering vereist.

- aandeelhouders wensten inzage te hebben in bedrijfsresultaten

- handelscorrespondentie tussen partners

- handelsvertegenwoordigers (factors) belast met informeren over honderden producten...

=> produceren van grote papierberg!

2) einde van de 13e eeuw: de praktijk van de wisselbrief groeit

- ingevoerd dr Italiaanse firma’s

- betekende het verlenen van kortlopend handelskrediet, het omwisselen van munt en het overmaken van geld van de ene plaats naar de andere zonder dat er muntstukken aan te pas kwamen.

- Systeem kon alleen wanneer verschillende transacties tegelijk geregeld konden worden in het kader van een uitgebreid netwerk van duurzame partnerschappen.

Vb.: in Brugge en Barcelona werd dagelijks op een vaste plaats en tijd beurs gehouden om de wisselbrieven vast te stellen.

- Voordelen :

* gebruikers kunnen handelsoperaties vereffenen zonder dat er een muntstuk aan te pas komt; wat verlies uitsloot.

* vergemakkelijkte het internationale betalingsverkeer

- dit betalingsverkeer: voor gebruik wisselbrief; grenzen:

* noordgrens: London – Brugge – Keulen

* zuidgrens: Frankfurt en Geneve

3) Boekhouding

- perfectionering teneinde overzicht te houden over de complexe relaties en gegevens + om winstkansen tijdig in te schatten

- In Venetië in 14e eeuw eerste dubbele boekhouding

4) kooplieden dienden behoorlijk te worden opgeleid

- 12e eeuw: scholen in praktische kennis vr handelaren; die het monopolie van de Kerk op onderwijs hadden doorbroken

- circuleren van leerboeken in Italië over de best te nemen reisroutes, ...

Handelkapitalisme

Mentaliteit van de 14e eeuwse handelaar: kapitalistisch!

Dit handelskapitalisme in sterk contrast met kerkelijke leer! (toch zochten theologen naar enige matiging; bvb. de theorie van de ‘juiste prijs’, die nog wel ovedreven winst betreed, maar aanvaardde niettemin het beginsel van de winst als vergoeding vr geleverde diensten)

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen